Mei elkoar!

BoerenBlij door de ogen van een bezoeker

BoerenBlij-bezoeker Piet woont samen met zijn vrouw in Heerenveen. Sinds anderhalf jaar bezoekt hij de zorgboerderij in Haskerhorne. Met veel enthousiasme vertelt Piet over hoe hij bij BoerenBlij terechtgekomen is en hoe een dag tussen de dieren eruitziet.

Piet legt uit dat hij door zijn casemanager werd gewezen op BoerenBlij. “De casemanager, die wij in huis hadden, bracht ons op het idee om naar de open dag van BoerenBlij te gaan. Mijn vrouw en ik zijn hier toen naartoe geweest en ik dacht gelijk: hé, dit is leuk.”

Sinds twee jaar is bekend dat Piet de ziekte van Alzheimer heeft. Vrij snel daarna kon Piet terecht bij BoerenBlij. Hij gaat er elke dinsdag en zaterdag naartoe. “Ik kan moeilijk stilzitten. Daar ben ik geen type voor. Ik moet wat doen en daar is BoerenBlij een geschikte plek voor. Je doet iets voor anderen en voor de dieren.” Volgens Piet is de sfeer op de boerderij heel goed. “Dat vind ik juist het leuke. Dat je met de andere bezoekers, maar ook met de leiding, kunt praten. Iedereen heeft wel wat meegemaakt. Er zijn dus genoeg onderwerpen om te bespreken en dat is heel gezellig. Dat doen we dan in de buitenhuiskamer, de babbelbox.”

Naast gezellig praten wordt er ook gewerkt. “Ik doe van alles, zoals dieren verzorgen, schoonmaken, hokken reinigen. Maar we gaan ook wel eens wandelen, maar dan moet het wel droog zijn.” Aan het einde van de dag wordt er samen gegeten. “We mogen ook helpen met koken, maar ikzelf heb daar geen interesse in.” De verzorging van de dieren vindt Piet het leukste. “Op de dinsdag verkruimelen we oude broden in kleine stukjes. Dit voer doen we in tonnen. Zo heeft iedereen per dag een beetje vaste werkzaamheden, maar dat wisselt ook wel eens, hoor.”

Alle bezoekers hebben een geestelijke afwijking. “Zelf heb ik heel erg last van Alzheimer, maar ik kan er goed mee omgaan. Medebezoekers vertellen verhalen uit het verleden en wat ze vroeger deden. Zij hebben meer last van de ziekte als ik. Dat is toch wel heel benauwend. Dat je dus hoort en ziet dat ze er slecht aan toe zijn. Dan denk ik: ‘dat kan mij ook overkomen’. Daarom vind ik het dus heel fijn dat zo’n zorgboerderij bestaat. Dat deze optie er is voor mensen zoals ik.”