Mei elkoar!
Waarmee
kunnen
wij u
helpen?
Klik hier

De blog van Aart

Voor de derde keer in mijn Patyna-bestaan mocht ik een dag meelopen in de zorg. Iets voor zeven uur meldde ik me bij het team van de begane grond van Huylckenstein. Ze hadden even gewacht met de overdracht, want ik was aan de late kant. Het viel me op hoe snel de overdracht ging. Met af en toe bijna stoer taalgebruik. Namen van cliënten werden niet genoemd, alleen de kamernummers. Het was het type overleg dat aan een half woord genoeg had. Enigszins ongerust vroeg ik mezelf af wat ik aan compassie zou zien. Maar ook deze meeloopdag bleek vol mooie momenten te zitten.

Een jonge collega nam me op sleeptouw. Dat sleeptouw was bijna letterlijk, omdat er op de gang een hoog tempo werd ontwikkeld. Ik bewonderde hoe ze overzicht had over wat er allemaal in welke volgorde moest gebeuren en ze altijd precies wist wat ze deed. Onderwijl ging geregeld de pieper af en stond ze heel duidelijk cliënten te woord. “Ja mevrouw, ik begrijp dat u al wakker bent en graag geholpen wil worden. Maar dat gaat me niet lukken. Misschien kunt u nog even proberen te slapen. Ik denk dat het wel na acht uur zal zijn voor ik bij u kan zijn.” Tegen mij zei ze aansluitend: “Als mensen hier komen wonen is het goed om te weten hoe laat ze ’s morgens geholpen willen worden. Maar dan moeten we wel helder hebben hoe laat medebewoners geholpen willen worden en of dat allemaal past. Niet iedereen kan tegelijk aan de beurt komen, want we lopen met vier collega’s op deze afdeling in de ochtenduren. Zelf vind ik dat mensen die hier nieuw komen wonen achter aan de rij sluiten als het gaat over het tijdstip dat ze gewassen of aangekleed willen worden. Maar dat moeten we dan wel teambreed afspreken.”

Helderheid is belangrijk in de zorg. Als bewoner wil je gehoord worden, maar je wilt ook weten waar je aan toe bent. Eerst luisteren naar de wensen van de bewoner. En dan nagaan of dat in te passen is. En anders uitleggen waarom dat niet gaat lukken en in overleg tot een afspraak komen. En die afspraak vervolgens nakomen.

De collega laat geen minuut tijd verloren gaan. Elk loopje heeft een doel. Ondertussen worden dingen beetgepakt en opgeruimd. Af en toe klinkt er gemopper als iets niet opgeruimd is. Dat alles netjes en glad is, is één van haar waarden. Ze werkt snel, zorgvuldig en nauwgezet. Maar op de één of andere manier is ze bij de cliënt totaal niet gehaast. Ze heeft tijd voor de cliënt in een bijzondere combinatie van duidelijkheid en betrokkenheid. Wat een kunst! Ik merk dat het de cliënten goed doet. Ze weten bij haar waar ze aan toe zijn, ook omdat dat ze doet wat ze zegt. Dat is goede hulpverlening: zeggen wat je doet en doen wat je zegt.

In de wandelgangen vertelt ze me dat de zorg veranderd is. “Dit is niet waar ik oorspronkelijk voor gekozen heb. Dit zijn inmiddels verpleeghuisbewoners geworden. Het stelt mij voor vragen: wil ik dit werk wel blijven doen?” Ik zeg dat het erg jammer zou zijn als ze wat anders zou gaan doen. Want zulke kanjers heeft de zorg nodig!

Een uur later staan we bij het bed van een mevrouw die helemaal vergroeid is. Ze ligt totaal verkrampt in een soort foetushouding. Een open wond heeft gelekt. De collega constateert dat er niet genoeg verband is om die wond goed te verbinden en maakt meteen de bestelling in orde. Het lijkt op de klassieke gevalletje ‘wie na mij komt die redt zich wel’. Ze is er heel duidelijk in: “dat kan zo niet, dat moet anders.” Het gesprek gaat later die dag over feedback geven. Elkaar aanspreken is heel erg belangrijk is. Durf jij dat bij anderen? En durven anderen dat bij jou?

Twee andere collega’s zijn ondertussen ook binnengekomen bij de vergroeide mevrouw. Deze mevrouw heeft veel zorg nodig, in je eentje is het niet te doen. Ik hoor warmte in de stem van mijn collega als ze probeert beweging in de verkrampte ledematen van de cliënt te krijgen: “Ach, dit is toch ook wat zeg, ik heb met haar te doen, de stakker. Dit kan eigenlijk niet meer. Ik ben gewoon bang dat ik straks nog iets bij haar breek!” Voorzichtig zet ze door om eerst de benen en dan de armen van de cliënt wat uit elkaar te trekken en haar daar te wassen. Eén van haar collega’s is ondertussen de rug van de vrouw aan het masseren. “Snoezelen vindt ze fijn, ik hoop dat ze dan ook wat meer ontspant.”

Zo gaat het de hele dag door, tot en met het nagellakken van de nagels van een dame in de huiskamer. Ik ben onder de indruk van de warme zorg. Wat ben ik trots dat ik zulke stoere en betrokken meiden als collega’s heb. Ik hoop dat ze steeds weer nieuwe inspiratie krijgen om hun bijzondere werk te blijven doen!

Aart Veldhuizen is geestelijk verzorger bij Patyna